|
Wilhelmus de Monchy was o.a.
bierbrouwer in Gouda. Uit zijn tweede huwelijk met Clazina Kouwenhoven werd zijn zoon François geboren, eveneens
bierbrouwer en tevens azijnmaker te Gouda.
Wilhelmus bezat een brouwerij op de Gouwe 'Het Dubbele Kruis' of 'De drie Kruisen' en François erfde via zijn vrouw Geertruij Walop van zijn schoonfamilie de brouwerij 'Het Ossenhooft' op de Westhaven. Op dezelfde wijze verkreeg hij 'de Lastdrager' ook op de Westhaven. Ook bezat hij aan dezelfde gracht 'de Seepketel'. Zijn azijnmakerij 'de Witte Leeuw' lag aan de Turfsingel, net even buiten de toenmalige stad Gouda. |
|
![]() foto's © Jan
Lafeber
|
Eiser: François de Monchij Gedaagde: Geertruyd Walop Zaak: Belediging. "Zegt de eiser dat zij
zich niet heeft ontzien om
tegen Aaltje Kaarsmakers - tegenwoordig dienstmaagd van de
gedaagde - te zeggen:"Jey bent een Donderse beest en een Duyvelse
Smotsbruyt na dat Donderse hoere en Dieve nest toe, daar jey gaat
woonen, en hadie ook soo een duyvelse beest niet geweest, soo sou je,
bij dat vuygt niet verhuyrt hebbe". Daarmee gezegd, zegt de eiser
dat hij en zijn familie zijn beledigd, zegt dat zij ook in
presentie van de politiemeesters hem uitgescholden heeft voor
schurk. Eist veroordeling en genoegdoening. De gedaagde zegt met de
woorden gemeld in de eis niet de eisers huis en zijn familie
bedoelt te hebben. De gedaagde ontkent de gedaagde (d.i. eiser - jdl)
beledigd te
hebben en zegt dat hij haar heeft uitgescholden voor een
weesdief, een hoer en dat hij haar voor gods oordeel heeft gedaagd en
dat de bakker aan haar gat heeft gekrabbeld".
Geertruyd Walop is voor zover ik heb kunnen nagaan geen familie van de vrouw van François de Monchy. Bron : Kamerboek politiemeesters GOUDA -- ac 2 inv.nr. 307 26-10-1714, blz. 127 (Streekarchief Midden Holland) |
|
De familie Walop bezat
niet alleen de woning en de
brouwerij aan
de Westhaven 63 (‘het Ossenhooft’), maar bezat
ook
de woning aan de Westhaven
61 (‘de Lastdrager’).
Ook deze woning is door vererving in het bezit van François de Monchy gekomen. |
|
In een request aan de
vroedschap van Gouda in 1730 vroeg
François de Monchy om verlenging van zijn octrooi voor zijn
azijnmakerij gelegen aan de singel tussen de Dijkspoort en de Potterspoort. Hieruit blijkt dat
deze azijnmakerij ‘de Witte Leeuw’
geheten
aan de Turfsingel te Gouda
was gelegen.
Vijf jaar eerder had François gevraagd om ten behoeve van zijn azijnmakerij een pakhuis te mogen bouwen. Ook hiervoor kreeg hij toestemming. Zijn weduwe Maria Walop kreeg in 1734 toestemming om ten behoeve van de azijnmakerij een keukentje te mogen bouwen met een voorportaal. Tevens mocht de bestaande schoorsteen worden afgebroken en worden vervangen door een nieuwe schoorsteen terzijde van de nieuwe keuken. Voorwaarde was wel dat de gebouwen niet mochten worden gebruikt voor permanente bewoning. (Bron : Requestboeken - Streekarchief Hollands Midden te Gouda) |
|
Pieter
en Salomon de Monchy : twee in Gouda geboren zonen van François de Monchy en Maria Walop
Twee in Gouda (op de
Westhaven) geboren zonen van
François de Monchy
en Maria Walop deden in de tweede helft van de 18e eeuw van zich
spreken, t.w. Pieter de Monchy (1713-1794) en Salomon de Monchy
(1716-1794).
Pieter de Monchy werd na zijn juridische studie in Utrecht brouwer in Rotterdam en vervulde daar diverse bestuurlijke functies o.a. schepen van de stad. Hij behoorde nadrukkelijk tot het patriottische kamp. In het archief van het Hof van Holland bevindt zich een uitgebreid dossier van Pieter de Monchy, die ervan beschuldigd werd als één van de leiders van de opstandelingen de wettig gekozen vroedschap van Rotterdam onder druk te hebben gezet en gesteund door een menigte gewapende manschappen onder het uiten van de aller oproerigste taal op wederrechterlijke wijze de toegang tot het stadhuis te hebben verkregen. Tevens werd hij ervan beschuldigd de terugkeer van stadhouder Willem V naar Den Haag in 1787 te hebben willen verhinderen. Hij behoorde alsdus de aanklager tot "de vuylaardige soort van personen die de staat op de oever van zijn ondergang hebben gebracht". Pieter werd vier maal gedagvaard om te verschijnen voor het Hof van Holland op resp. 7 juli 1788, 8 september 1788, 17 november 1788 en koppermaandag 1789. Alle vier de keren verscheen hij niet. Hij werd vervolgens ten eeuwige dage verbannen uit het gewest. De inval van de fransen in 1795 heeft hij niet meer meegemaakt. Hij overleed in 1794 buiten Rotterdam en buiten het gewest Holland in Kampen. (Bron : Nationaal Archief - Archief Hof van Holland 3.03.01.01 inv. nr. 5549.35) Salomon de Monchy werd na zijn studie medicijnen in Leiden o.a. geneesheer te Rotterdam. Van zijn hand bevindt zich in het archief van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) een memorie betreffende de ziekten op de VOC-schepen en de middelen om deze te voorkomen. (Bron : Nationaal Archief - Archief VOC 1.04.02. inv. nr. 11445) |
|
|
||
![]() |
'De
Seepketel' ('De Zeepketel') op de Westhaven
20 te Gouda In een verzoekschrift in 1731 is ook nog sprake van een ander huis van François de Monchy genaamd ‘de Seepketel’, gelegen aan de Westhaven 20. François de Monchy verzoekt om een nieuw bruggetje te mogen aanleggen naar de Peperstraat. Er had vroeger een bredere brug gelegen (van ca 23 voet), maar die was vanwege ouderdom afgebroken. Het nieuwe bruggetje wordt aanzienlijk smaller, nl 4 à 5 voet. Hiervoor verkreeg hij toestemming van de vroedschap. (Bron : Requestboeken - Streekarchief Hollands Midden te Gouda; zie ook: register Matthijs 'Westhaven' - Streekarchief Hollands Midden te Gouda) foto's © Jan Lafeber |
![]() |
![]() |
'Het
Dubbele Kruis' (of 'De Drie
Kruisen') op de Hoge Gouwe 99 en 101 te Gouda
Ook de vader van François de Monchy - Willem de Monchy (1648-1720) - bezat al een brouwerij in Gouda, en wel 'Het dubbele Kruis' (ook wel 'De drie Kruisen') op de Hoge Gouwe te Gouda. Hij had deze brouwerij in 1700 gekocht samen met zijn zwager Salomon Post. Na 1720 was de brouwerij eigendom van de weduwe van Willem de Monchy, Clazina Kouwenhoven (1661-1740). (Zie : register Matthijs 'Hoge Gouwe' - Streekarchief Hollands Midden te Gouda) Wilhelmus de Monchy was piekenier en korporaal te Kalkar (1663- 1666), secretaris van Zoetermeer, Zegwaard en Benthuizen, notaris te Zoetermeer 1678, poorter van Gouda 8 dec. 1700, brouwer in De Drie Kruisen op de Hoge Gouwe te Gouda. (Bron : Nederlands Patriciaat jaargang 1991 Centraal Bureau voor Genealogie) Het linkerpand (Gouwe 99) wordt ruim honderd jaar later in 1823 gekocht door Abraham Goedewaagen, die er zijn pijpmakerij in vestigt. Later koopt hij ook het pand ter linkerzijde (het 'huis met de trappen'). Dit bedrijf zou in latere jaren uitgroeien tot het bekende bedrijf "Koninklijke Goedewaagen NV" (hollandse pijpen en aardewerkfabriek). Zie ook : Koninklijke Goedewaagen (1779-1982), een veelzijdig ceramisch bedrijf, door D.H. Duco, Leiden 1999 (zie : website pijpenkabinet) foto © Jan Lafeber |
|
|
|
|